China streeft naar maritieme macht

21-1-2013 | Opeens lijkt China de blik naar de zee te richten, na eeuwenlang vooral oog te hebben gehad voor het vasteland. De vorige periode waarin China zich sterk manifesteerde op maritiem gebied was eeuwen geleden: in de vroege 15e eeuw toen admiraal Zheng He zijn zeven zeereizen maakte. Alle Chinese kinderen leren dat nog steeds op school.

De afgelopen maanden kwam de Chinese marine opeens op verschillende fronten in het nieuws. Het grootste pronkstuk was het vliegdekschip waarop Chinese straaljagers ook nog bleken te kunnen starten en landen. Het enorme schip was jaren geleden in de Oekraïne rijp voor de sloop verklaard. Chinese handelaren kochten het en zeiden er een casinoboot voor Macao van te willen maken. Nadat het naar China was versleept is het – niet helemaal verbazingwekkend – toch omgebouwd tot een goed functionerend vliegdekschip. Zelf zo’n schip ontwerpen en bouwen is de volgende fase.

Steeds verder
De jongste uitbreiding van de Chinese marine is van een wat kleiner formaat: twee extra tankschepen, waardoor andere schepen midden op zee van brandstof kunnen worden voorzien. Dat is niet onbelangrijk, want hoe meer tankschepen, hoe verder de vloot de wereldzeeën kan bevaren.

Daarnaast kwam China in het nieuws met een heuse ijsbreker, ook in de Oekraïne gebouwd. Enigszins tot schrik van de Canadezen en de Noren blijkt China grote interesse te hebben in de noordelijke route via de pool. Nu het ijs aan het smelten is, is het noordpoolgebied niet alleen interessant geworden als handelsroute, maar ook voor de visgronden en de olie-, gas- en mineralenreserves. Ook hier geldt: het blijft niet bij één exemplaar. Een Fins bedrijf heeft inmiddels de opdracht gekregen om de volgende ijsbreker te ontwerpen.

Grote ambities
Voeg daarbij nog de nieuwe lease-overeenkomsten met Noord-Korea voor gebruik van de noordelijk gelegen haven in Rajin. Plus het oplaaiende conflict met Japan rond de Diaoyu eilandjes – door de Japanners Senkaku genoemd. Dat laatste heeft alles te maken met het feit dat China zich ingesloten voelt en een ongestoorde doorvaart naar de Stille Oceaan wenst. Al met al ontstaat het beeld van een land met grote ambities op maritiem gebied.

Dat is wat we nu zien: op veel vlakken worden kleine stapjes gezet, stapjes waar door sommigen wat meesmuilend over wordt gedaan. Uiteenlopend materieel wordt aangekocht, daarna worden eigen ontwerpen gemaakt en gebouwd. Betwiste eilandengroepen worden alvast Chinees ingekleurd op kaarten. En keer op keer wordt de boodschap de wereld ingestuurd dat China geen hegemonie zoekt, dat de intenties vredelievend zijn en dat de aanspraken ‘historisch juist’ zijn. Eerder al kwamen Hong Kong en Macao ‘terug bij het moederland’, dat zou ook kunnen gebeuren met de Diaoyu-eilanden en zelfs met Taiwan.

Propaganda
Chinezen weten als geen ander hoe propaganda werkt: als je maar vaak genoeg dezelfde boodschap herhaalt, kan dat op een gegeven moment gezien worden als de waarheid. Dan wordt het voor de ander steeds moeilijker om het eigen standpunt over het voetlicht te brengen.

En China neemt de tijd. Anders dan in westerse democratieën waar de horizon meestal bij de volgende verkiezingen ligt, is het niet ongewoon om eerder in decennia dan in jaren te denken. Het bereiken van mondiale maritieme macht mag dus wel even duren. Gelukkig was er ook op de korte termijn een maritiem succesje te melden: voor het eerst ooit is een Chinese onlangs uitgeroepen tot Zeilster van het Jaar.

Deze column verscheen eerder bij HCSS.

Leave a comment

name*

email* (not published)

website